Vakken
SO
Ons onderwijs is ervarings- en betekenisgericht, we werken volgens de methodiek Beleving, Omgeving en Betekenis (BOB). Het doel van BOB-onderwijs is het stimuleren van de ontwikkeling van taal, communicatie en vroege geletterdvaardigheden. Er wordt hierbij thematisch gewerkt aan de hand van ankers (thema’s zijn verankerd in belevingswereld van leerlingen) waarbij alle ontwikkelingsgebieden ingebed zijn. De taalontwikkeling wordt gestimuleerd door middel van woorden-/gebarenschatontwikkeling. Een thema wordt altijd geopend en afgesloten met een activiteit.
We werken met thema’s en met lesmethodes. Voor het stellen van doelen gebruiken we de aangepaste leerlijnen voor het ZMLK-onderwijs. Dit zijn lesdoelen en ontwikkellijnen voor leerlingen die zeer moeilijk leren. De doelen voor de leerlijn ‘belevingsgerichte dagbesteding’ komen gedeeltelijk uit de Plancius-leerlijnen. Plancius-leerlijnen zijn praktische leerlijnen die speciaal zijn ontwikkeld voor leerlingen in het speciaal onderwijs en stap voor stap beschrijven wat zij kunnen leren in verschillende ontwikkelingsgebieden. De oorspronkelijke leerlijnen zijn terug te vinden op de site van de CED-groep. Deze zijn aangepast aan onze doelgroep.
VSO
Op het vso wordt thematisch gewerkt in een cyclus van drie jaar. Hierbij komt elk jaar expliciet de sociaal-emotionele ontwikkeling aan bod (zoals familie en hobby's) en daarnaast ook feest (zoals geschiedenis en verschillende culturen), persoonlijke ontwikkeling (zoals gezondheid en schoonmaak) en als laatste ook een maatschappelijk onderwerp (zoals reizen en het milieu). Net als op het so wordt er gewerkt met een opening en een afsluiting. Daarbij staat communicatie en taalontwikkeling centraal, maar ook wordt er gewerkt aan zelfredzaamheid met oog op de toekomst. Praktijkvakken zijn een belangrijk onderdeel van de lessen die uw kind krijgt. Daarom verbinden we veel lessen aan de praktijkvakken. Denk hierbij aan Nederlands, gebarentaal, rekenen, lezen en soms ook schrijven.
Vakken
Op Signis (v)so-cmb geven we de volgende vakken:
| SO | VSO |
| Nederlandse taal | Nederlandse taal |
| Gebarentaal | Gebarentaal |
| Lezen | Lezen |
| Rekenen | Rekenen |
| Leren leren | Leren leren en voorbereiding op dagbesteding |
| Sociaal-emotionele ontwikkeling | Leren functioneren in sociale situaties |
| Relaties en seksualiteit | Relaties en seksualiteit |
| Burgerschap en CIDS | Burgerschap en CIDS |
| Digitale geletterdheid | Digitale geletterdheid |
| Gym | Gym |
| Schrijven | Praktische vakken: - persoonlijke verzorging - koken - huishoudkunde - natuur: groen, planten, dieren en milieu - techniek en handvaardigheden - arbeidsvaardigheden (zedemo) |
| Redzaamheid | Interne stages |
| Oriëntatie op ruimte, tijd en natuur en techniek | Kunstzinnige oriëntatie: drama en muziek |
| Zintuiglijke ontwikkeling | |
| Spelontwikkeling | |
| Kunstzinnige oriëntatie: beeldende vorming, drama en muziek |
Logopedie
Logopedie speelt een belangrijke rol voor al onze leerlingen. Op school werken meerdere logopedisten. De logopedist ondersteunt de leerkracht en de leerlingen, zowel groepsgewijs als individueel. Afhankelijk van de behoefte wordt de ondersteuning aangeboden in de klas, in kleine groepjes of één-op-één.
Bij jonge kinderen ligt de nadruk vooral op de ontwikkeling van de communicatieve voorwaarden. Bij oudere kinderen richt de logopedische behandeling zich meer op communicatievaardigheden en het omgaan met leeftijdsgenoten. Binnen het vso ontvangt een leerling alleen logopedische behandeling wanneer er een hulpvraag is vanuit school of ouders. Logopedist zal dan in overleg bepalen of hier aan kan worden gewerkt. Uiteraard denkt de logopedist wel mee met vraagstukken.
Daarnaast kan de logopedist, indien nodig en mogelijk, spraak- en taaltesten afnemen. De resultaten hiervan worden gebruikt om doelen op te stellen en te bespreken. Deze doelen worden vastgelegd in het logopedisch handelingsplan. Tijdens het laatste rapportgesprek van het schooljaar kan de logopedist indien nodig de behandeling en de testresultaten toelichten.
Uw rol is belangrijk
Bij logopedie speelt u als ouder een belangrijke rol. Ook thuis moet er geoefend worden! We leggen u uit hoe u dit kunt doen. U bent van harte welkom bij de behandelingen van uw kind. Wilt u bespreken hoe het met uw kind gaat? U kunt altijd een afspraak maken met de logopedist.
Activiteiten
Excursies
Leerlingen hebben meerdere keren per jaar een excursie. Ze maken dan een uitstapje met de groep. De excursie kan de start van een nieuw thema zijn. De leerlingen in de bovenbouw en op het vso kunnen daarnaast ook culturele excursies ondernemen, bijvoorbeeld naar een museum, tentoonstelling of een voorstelling. Een andere vorm kan ook een creatieve werkvorm zijn of een bezoek aan een bedrijf passend bij het thema. De uitstapjes horen bij de lessen. We willen graag dat alle kinderen erbij zijn. U krijgt aan het begin van het jaar een brief met een antwoordstrookje. Hierop kunt u invullen dat u het goed vindt dat uw kind meegaat.
Wilt u helpen?
Voor een excursie of bij een speciale activiteit op school hebben we soms ouders nodig die willen helpen, zeker bij de jongere kinderen. Het is voor de leerkracht prettig om een paar extra ogen en handen te hebben. Ouders hebben ook beroepen en hobby’s, soms vragen we ouders om daarover in de klas te komen vertellen of een activiteit met de leerlingen te komen doen.
SO: Schoolreis
Alle leerlingen van het so gaan één dag per jaar op schoolreisje. Vanzelfsprekend zijn de leerlingen tijdens het schoolreisje verzekerd. In de jaarplanning vindt u de datum, de locatie wordt later bekend gemaakt.
VSO: Werkweek
Elk jaar organiseren we een 3-daagse werkweek waarbij uitstapjes op het programma staan, maar ook workshops binnen de school. De leerlingen oefenen met vaardigheden die ze op school geleerd hebben, zoals koken, verkeer en burgerschap. Elk jaar kijken we of het financieel en praktisch mogelijk is om 1 of 2 nachten toe te voegen aan het programma. Wanneer dit mogelijk lijkt, zal ook met ouders besproken worden.
VSO: Schooltuinen
Onze leerlingen krijgen een eigen tuintje om te verzorgen bij Schooltuin Ridderbos. Ze gaan tussen april en oktober elke week naar de Amsterdamse schooltuinen. Daar werken ze met deskundige begeleiding in hun eigen tuintje. De oogst aan de groente en bloemen nemen ze mee naar huis of verwerken ze op school in de keuken tot een gerecht. Elk jaar kijken we opnieuw welke leerlingen hiervoor in aanmerking komen. Op school worden in schooljaar 2026-2027 ook moestuinbakken en een kas geplaatst waar de leerlingen in kunnen werken wanneer zij niet mee kunnen naar Ridderbos en om nog extra te oefenen met elkaar.
Een kijkje in de school
U bent van harte welkom om een keer een deel van de lessen bij te wonen van uw kind. In maart zal u hiervoor uitgenodigd worden door de leerkracht.
Schoolbibliotheek
We hebben op school onze eigen bibliotheek. De leerlingen kunnen boeken lenen, zodat ze volop kunnen lezen onder schooltijd.
Sportdag of Koningsspelen
De Koningsspelen zijn een sportief feest voor kinderen. We organiseren dan een sportdag. We vertellen u van tevoren op welke datum dat is. U hoort dan ook welke activiteiten we gaan doen.
Stage en transitie (vso)
Leerlingen van het vso-cmb worden voorbereid op wonen, werken en vrijetijdsbesteding. Stage is een belangrijk middel om je voor te bereiden op werken en/of dagbesteding. In praktisch alle gevallen is werken voor leerlingen van het vso een vorm van dagbesteding. Stage wordt volgens een vaste systematiek opgebouwd.
In eerste instantie gaat het om stages binnen de muren van de school. Het uitvoeren van werkzaamheden als vaatwasser in- en uitruimen, oud papier verzamelen en was vouwen, zijn vormen van interne stage.
Vervolgens gaan leerlingen ook op externe groepsstage. Dat zijn stages, enerzijds om te ervaren hoe de wereld buiten de school er uit ziet, maar ook om te ontdekken waar de belangstelling van de leerlingen ligt en werknemers vaardigheden op te doen. Hierbij kan gedacht worden aan de kinderboerderij of een sociale werkplaats.
Het laatste deel heet transitie en is individueel en volledig gericht op de doorstroom naar een dagbestedingsplek. Zodra de toekomstige dagbestedingsplek bekend is, wordt daar de transitieplek georganiseerd. Bedoeling is een logische overgang van school naar dagbesteding. Als het wenselijk is kan school ook mee denken over de meest geschikte woonplek.
Alle stages en transitieplaatsen worden gecoördineerd door de uitstroomcoördinator eventueel in samenwerking met de leerkracht. Belangrijk bij het kiezen van de transitieplek, is de inbreng van de leerlingen en hun ouders. Zij moeten immers bepalen waar de toekomstige werk- en/of woonplek is, zodat de school in overleg de transitieplek hier op kan afstemmen. Transitieplekken kunnen overal in de regio worden georganiseerd, afhankelijk van de toekomstige werk- en/of woonplek.