Leerlingen zorg
inleiding:
Op school volgen we de leerling. In hoofdstuk "onze leerlingen" leest u hoe de doelgroep eruit ziet. We kijken naar wat hij of zij nodig heeft om zich goed te kunnen ontwikkelen. Als een leerling vanaf de basisschool bij ons op school komt, gaat hij verder op de leerlijn waar hij was gebleven. Niet alle leerlingen zijn hetzelfde. Soms heeft een leerling meer nodig dan wat wij standaard aanbieden. Samen met ouders en onderwijsprofessionals kijken we dan wat nodig is, zodat de leerling toch aan zijn leerdoelen kan werken. Binnen school hebben we voldoende middelen om dit te regelen. Als het nodig is, zetten we ook hulp van buiten in. Partners waarmee wij nauw samenwerken zijn: Kentalis Zorg, GGMD en Visio. Dit noemen we passend onderwijs.
Ontwikkelingsperspectiefplan ( OPP)
Elke leerling heeft een Ontwikkelingsperspectiefplan (OPP). Hierin staat welke route de leerling volgt op school. In het OPP staat waar de leerling naar verwachting na de schoolperiode zal uitstromen. Binnen Kentalis zijn er vijf uitstroomniveaus:
1. Dagbesteding – belevingsgericht
2. Dagbesteding – taakgericht
3. Arbeidsmatige dagbesteding / beschut werk
4. Beschut werk / arbeid
5. Arbeid / MBO
De uitstroomrichting bepaalt de leerroute. Elk niveau heeft een eigen leerroute met leerdoelen. De keuze voor een uitstroomniveau hangt af van de onderwijsbehoefte, leer- en werknemersvaardigheden, en hoeveel begeleiding iemand nodig heeft.
In het OPP staan ook de stimulerende en belemmerende factoren en de onderwijsbehoeften. Twee keer per jaar wordt het OPP geëvalueerd: in januari/februari en in juni/juli. Dan bespreken we de voortgang met ouders. Als de leerling zich anders ontwikkelt dan verwacht, passen we het plan aan. Na de eindevaluatie maakt de mentor het nieuwe OPP voor het volgende schooljaar. Dit bespreken we aan het eind van het jaar met de ouders. Zij ondertekenen dit plan voor gezien. We vragen ook jaarlijks aan ouders of zij het eens zijn met de omschreven aanpak. Zo nodig passen we dit aan.
Hoorrecht
Vanaf 1 augustus 2025 krijgen alle leerlingen met een ontwikkelingsperspectief (OPP) het hoorrecht. Hoorrecht betekent dat de leerling mag meedenken en meepraten over beslissingen die over hem of haar gaan. Bijvoorbeeld over het OPP. De school bespreekt het OPP dus ook met de leerling. Iedere leerling krijgt de kans om zijn of haar mening te geven, maar het is belangrijk om te weten dat niets verplicht is: de leerling bepaalt zelf of hij of zij wil meedoen.
In de praktijk vragen we de leerling wat hij of zij vindt van de eigen ontwikkeling. Deze zienswijze wordt kort beschreven in het OPP onder het kopje ‘Zienswijze’. Dit gebeurt op een manier die past bij de leerling, vergelijkbaar met hoe we de leerling betrekken bij rapportbesprekingen. Vooral bij leerlingen vanaf uitstroomprofiel 3 (beschut werk) en hoger is het goed mogelijk om hen hierin te betrekken. Natuurlijk alleen als de leerling dat zelf ook wil. Als een leerling ervoor kiest om niet mee te praten, wordt dat ook bij ‘Zienswijze’ in het OPP genoteerd.
Soms is het voor een leerling niet mogelijk om zelf mee te praten over zijn of haar ontwikkeling, bijvoorbeeld vanwege een beperking of omdat het gesprek te moeilijk is. Vaak blijkt dit al uit de onderwijsbehoeften of uit de stimulerende en belemmerende factoren. In dat geval wordt dit kort uitgelegd onder het kopje “zienswijze” in het OPP. Dit komt met name voor bij leerlingen met uitstroomprofiel 1 tot en met 3 die uitstromen naar dagbesteding.
Zo zorgen we ervoor dat elke leerling de mogelijkheid krijgt om gehoord te worden, op een manier die bij hem of haar past.
Loopbaanondersteuning na het verlaten van school
Heeft uw zoon of dochter een diploma gehaald in het arbeidsmarktgerichte uitstroomprofiel (UP3 en hoger)? Dan kan hij of zij tot twee jaar na het verlaten van school nog hulp krijgen van onze school. Deze hulp is bedoeld voor jongeren die extra ondersteuning nodig hebben bij de stap naar werk, dagbesteding of vervolgonderwijs. De hulp kan bestaan uit:
- ondersteuning bij het maken of aanpassen van een cv;
- hulp bij het schrijven van een sollicitatiebrief;
- oefenen met solliciteren en leren hoe je je gedraagt op het werk.
Samen met de jongere en de ouders kijkt de school welke hulp het beste past. De begeleiding wordt zoveel mogelijk afgestemd op de wensen en mogelijkheden van de jongere. Op verzoek kan de school ook nazorg bieden bij de stap naar dagbesteding of vervolgonderwijs. Deze ondersteuning is mogelijk tot maximaal twee jaar nadat de jongere van school is gegaan. De kwaliteitscoördinator of intern begeleider is het vaste aanspreekpunt voor de jongere en de ouders. Deze persoon houdt contact en volgt hoe het met de jongere gaat. Als dat nodig is, wordt de begeleiding aangepast of wordt extra hulp ingeschakeld.
Samenwerking met de gemeente en andere organisaties
De school werkt samen met andere organisaties die jongeren helpen bij de stap naar werk. Dit gebeurt binnen het regionale programma Van school naar duurzaam werk. In dit programma werken scholen, gemeenten en andere partijen samen. Soms wordt ook de gemeente betrokken, bijvoorbeeld als ondersteuning via de Participatiewet nodig is. Daarnaast kan de school Kentalis Werkpad inzetten om extra hulp te bieden bij het vinden van werk. Deze samenwerking zorgt ervoor dat de begeleiding goed op elkaar aansluit en doorloopt na het verlaten van school.
Overdracht naar begeleiding door de gemeente
Als de gemeente de begeleiding van een jongere overneemt na het verlaten van school, maakt de school een overgangsdocument. In dit document staat belangrijke informatie om de begeleiding goed voort te zetten. Het overgangsdocument wordt alleen opgesteld:
- met toestemming van de jongere en/of de ouders.
Het document wordt gegeven aan:
- de ouders, en/of
- de jongere zelf (als hij of zij 18 jaar of ouder is en zelf beslissingen mag nemen).
Door toestemming te geven voor begeleiding door de gemeente, geven ouders en/of jongere ook toestemming om het overgangsdocument met de gemeente te delen. De school deelt alleen noodzakelijke informatie en gaat zorgvuldig om met privacy. Voor leerlingen uit het arbeidsmarktgerichte profiel en het profiel dagbesteding is het maken van een overgangsdocument altijd verplicht.
Medische zorg
Soms is medische hulp op school nodig. Een verpleegkundige helpt dan bij bepaalde medische handelingen. Voorbeelden hiervan zijn: het inbrengen van een katheter, het geven van een injectie of het toedienen van sondevoeding. Wij werken hiervoor samen met Kombino.
Schoolarts
Alle leerlingen krijgen een medisch onderzoek als ze op school komen. De informatie uit dit onderzoek helpt bij het maken van een goed leer- en ontwikkelplan voor de leerling. De jeugdarts is lid van de Commissie van Leerlingenzorg. De arts geeft advies en doet extra onderzoek als dat nodig is.De schoolarts voor Kentalis College Zoetermeer is: drs. M.M.L. van Diepen